Vrijwilligers Marian en Dick Steenstra

Het echtpaar Marianne en Dick Steenstra.

 

Hoe kwam u in aanraking met de werf?

Marianne: “Ik kwam hier in 2004 terecht nadat ik reageerde op een advertentie waarin gevraagd werd naar een vrijwilliger voor de winkel. Ik werkte daarvoor bij Jacobs Engineering en toen dit bedrijf werd overgenomen, moest ik eruit. Ik had echter nog helemaal geen zin om stil te zitten. Mijn vader heeft gevaren, zat ook op de grote vaart. Eigenlijk wilde ik zelf ook varen. Ik heb nog gewerkt bij de Stoomvaartmaatschappij Zeeland, de huidige Stena Line. Als vrijwilliger werken bij De Delft trok me wel aan, met mijn leeftijd zou ik toch niet meer aan de bak komen”.

  Marian en Dick Steenstra

Dick: “Ik ben in 2007 ingestroomd in de promotiegroep van Corry Worseling, eigenlijk dankzij Marianne. De Delft ging in die tijd veel naar evenementen. Bij een maritiem evenement in Vlissingen zei Marianne tegen Corry ‘je moet Dick meenemen, die kent daar de weg’. Mijn moeder is immers een Zeeuws meisje. Ik ging mee en na dat weekend wilde Corry wel dat ik vaker meeging”.

Waar bestaan uw werkzaamheden als vrijwilliger uit?

Marianne: “Ik werk dinsdag, vrijdag en zaterdag bij de receptie”. Dick: “Na dat evenement in Vlissingen ben ik op verzoek van Corry in het promotieteam gebleven. Ik ben er nu elke vrijdag en met maritieme evenementen. Zo ben ik onlangs op de Spuidagen in Oud-Beijerland geweest. Ik ben er echt voor de promotie, ik probeer iets te verkopen of mensen naar de werf te krijgen. Op afroep help ik Meral (administratie) en als er te weinig gidsen zijn, gids ik ook”.

Wat vindt u zo mooi aan het werken op deze historische werf?

Dick: “Als je met promotie bezig bent op een evenement, en mensen blijven kijken naar het ambachtelijke werk. Je probeert ze te verleiden naar de werf te komen en geeft ze een stukje geschiedenis mee. Dat is mooi. Daarnaast ben ik Rotterdammer. Mijn vader vertelde altijd over de mariniers die bij de Willemsbrug gevochten hebben. Hij heeft me een stuk geschiedenis van Rotterdam meegegeven. Daar hoort dit ook bij”. Marianne: “Het is hier gezellig. Op zaterdag is er meestal een vaste ploeg. Daarnaast is het de binding die ik heb met het water”.

Wat vindt u van de nieuwe koers die de werf is gaan varen?

Marianne: “Pieter Zegers heeft er goed aan gedaan. Zoals het voorheen ging, kon het niet meer. Toen de Delft begon waren het gouden tijden met veel sponsors. Dat is niet meer zo. De ideeën van Pieter waren vooruitstrevend”. Dick: “Vooral dat leertraject vind ik mooi. Mensen raken de know-how kwijt en men komt technisch personeel tekort. Via het leertraject krijgen deelnemers know-how. Het is jammer dat het momenteel niet verder uitgebouwd kan worden. Er zijn immers maar weinig vakgerichte opleidingen”.

Hoe lang blijft u hier nog werken als vrijwilliger?

Dick: “Zolang we hier een vakgerichte opleiding blijven geven en gekoppeld aan de bouw van het schip een stuk geschiedenis kunnen laten zien, blijf ik hier werken. Ik hoor hier bij de jonkies dus dat duurt nog wel even”. Marianne: “Zolang het kan en de mogelijkheid er is. We wachten het af, je weet niet wat de toekomst brengt”.